Winnaars van Onderneming van het Jaar® zijn de echte groeikenners

  • Share

Gepolst naar zijn appreciatie van het begrip groei laat Dirk Coorevits, de CEO van Soudal en Onderneming van het Jaar 2011®, er geen gras over groeien. ‘Op het eerste gezicht gaat het bij groei om het vergroten van de omzet. Maar dat omschrijft het belang van groei lang niet voldoende. Groeien is constant verbeteren, producten en organisatie vernieuwen, beter omgaan met de medewerkers en beter ondernemen, zonder meer. Groei is een ingesteldheid. Uiteraard gaat dat gepaard met groter worden, maar dat is geen doel op zich. Het is een middel om het beter te doen. Wij vinden dit een dynamisch en uitdagend gegeven, zeker ook voor de medewerkers en hun ontplooiing. Het inspelen op de ontwikkelingen en behoeften van de markt is gewoon een verplichting. Dat weet iedereen. Zo niet ga je als organisatie dood. Je moet iets doén. Dat is groei.’ ‘Je merkt de noodzaak daarvan bij iedere organisatie’, constateert Rudi Braes, Managing Partner van EY België. ‘Ook bij ons is groei onmisbaar om bijvoorbeeld onze ambitieuze medewerkers doorgroeikansen te geven en om voldoende schaalgrootte te krijgen om nieuwe zaken te lanceren. Dat houdt in dat je constant alert moet blijven om nieuwe kansen te detecteren. Zie je ze niet, dan komt je overleving in het gedrang. Als je bijvoorbeeld een essentiële schakel van technologische ontwikkelingen mist als onderneming, kan dit resulteren in verregaande competitieve nadelen.’

Dna en olie

Volgens Dirk Coorevits moeten we het niet ver zoeken. ‘Groei zit in het DNA van de mens. Anders leefden we nog in grotten. Een bedrijf heeft groei nodig zoals een motor olie.’ Waarop Rudi Braes inpikt: ‘Als onderneming moet je ambitie uitstralen. Onze economie heeft groeibedrijven nodig als motor. Met onze jaarlijkse verkiezing van de Onderneming van het Jaar® stimuleren we de groei-impulsen verder. Het is nu meer dan ooit zaak dat het om duurzame groei gaat. Sinds de recentste crisisperiodes stellen bedrijven zich meer dan vroeger vragen bij het groeimodel dat ze voor zichzelf best uittekenen.’ Klopt de uitspraak dat crisissen kansen bieden? ‘Doorsneebedrijven zijn niet erg bezig met het vinden van die superkansen, in de zin van het superkoopje op de markt. Wie alerter is, kan altijd sneller kansen grijpen. Door je ingesteldheid ben je beter gewapend’, weet Coorevits. ‘Maar in onze branches, bouw en retail, merk je in België eigenlijk niet veel van de crisis, dit in tegenstelling met bijv. Zuid-Europese landen. Wat niet belet dat minder goed gerunde bedrijven prooien kunnen worden.’

Geen kosten- en prijzenjagers

Rudi Braes sprak recentelijk vroegere winnaars van Onderneming van het Jaar® en bevestigt: ‘Ze zijn niet negatief over het economisch klimaat. Er wordt te veel veralgemeend. We interviewden voor onze studie ‘Growing Beyond’, in samenwerking met Vlerick, al de finalisten van Onderneming van het Jaar‰ aangevuld met de ondernemingen van Vlerick iGMO (Impulscentrum Groeimanagement voor Middelgrote Ondernemingen) Deze sterke groei-ondernemingen zijn niet zozeer bezig met kostenreductie, maar zetten in op hun markten, spelen zeer kort op de bal van de klant, innoveren heel wat. Ze gaan niet mee in een prijzenslag. Duurzaamheid is echt geen hol begrip, hoezeer het ook misbruikt wordt. Succesvolle ondernemingen hollen niet achter ieder kwartaalresultaat aan. Ze hebben hun financieringsstructuur de jongste tijd vaak fors verbeterd. Vroeger zag je ze werken met veel gewone leningen, nu hebben ze een doordachte financieringsstrategie uitgedokterd, precies met het oog op de lange termijn. ‘Wij hebben altijd geïnvesteerd in nieuwe producten, nieuwe trends, nieuwe landen. We wijzigen jaarlijks 200 à 300 producten. De markten bieden kansen genoeg. De kunst is goed je doelen te kiezen en je te beperken’, vertelt Coorevits. ‘Maar je moet altijd de nieuwe mogelijkheden opmerken. Als je enkel bedreigingen ziet, getuigt dat van slecht leiderschap en gebrek aan visie.’ ‘Klopt’, vindt Braes. ‘Je moet op een enorme markt zoals bv. China de trends vinden waarop jij goed kan inspelen. Voor ons land geldt trouwens hetzelfde als voor onze bedrijven. Vaak concurreren we niet met groeilanden, maar met onze buren op de groeimarkten. We hebben nog veel te winnen, in het buitenland, tegenover de buren en bij de groeiers.’

Overal lokaal sterk

Er valt Braes nog een succesfactor op: ‘Belgische groei-ondernemingen in het buitenland zijn succesvol met lokale mensen voor lokale klanten. Het komt altijd aan op mensen. Dat is de kracht van een onderneming. De globale visie krijgt een lokale vertaling.’ Een illustratief voorbeeld van Soudal: ‘We waren heel vroeg actief in Oost-Europa en nu is de regio een soort tweede thuismarkt geworden, met een eigen hoofdkwartier in onze groep. We verkopen er met eigen lokale mensen, en met producten uit een lokale fabriek. Idem in India, Turkije, Brazilië, Rusland en natuurlijk China. In al die landen hebben we nog enorm veel groeipotentieel. Maar we doen het stapje per stapje’, stelt Coorevits. ‘Sterke groei-ondernemingen slagen er ook in de goede medewerkers te behouden, wat niet evident is’, merkt Braes op. Alweer geeft Soudal het voorbeeld: ‘We laten mensen hun uit dagingen realiseren. De omgeving blijft stimulerend. En soms krijgen ze een beloning die ze niet verwachten, zoals de prijs van Onderneming van het Jaar.’

Bij dit alles valt de rol van innovatie niet te overschatten, vindt Braes. ‘De wil en het geduld om te investeren vormen de hoofdzaak en leeft vaak in familiale kmo’s. Vorige prijswinnaars, zoals Cartamundi, Taminco en Studio 100, illustreren dat continu. Ze weten dat ze morgen niet meer bestaan als ze niet innoveren.’ Het hoeft daarbij niet om wereldschokkende vernieuwingen te gaan. ‘Je vernieuwt elke dag een beetje, maar daarmee verbeter je wel telkens een beetje.’ Soudal ziet de Onderneming van het Jaar® als een eretitel, een beloning voor al dat werk.

Braes merkt dat de bekroning een leuk effect heeft. ‘In de oorlog om talent, die de komende jaren veel erger wordt, helpt de titel Onderneming van het Jaar® de winnaars aan de broodnodige instroom, in binnen- en buitenland. De wereld wordt nog steeds kleiner. En wij versterken graag het geloof in zijn verdere vooruitgang.’