Aanval is de beste verdediging – of wat Vlaamse groeibedrijven geleerd hebben van FC Barcelona en topvoetballers als Messi

  • Share

Vlaamse groeibedrijven doen het beter dan hun West-Europese en wereldwijde collega’s. Ze zijn pro-actiever, flexibeler, alerter en spelen korter op de bal. Daarnaast beschouwen ze het ergste van de crisis als voorbij en kijken ze zeer hoopvol naar de toekomst. Dat blijkt uit het jaarlijkse iGMO Groei-Onderzoek, dat het Impulscentrum Groeimanagement voor Middelgrote Ondernemingen aan Vlerick Leuven Gent Management School samen met Ernst & Young en KBC uitvoert. Zo’n 80 Vlaamse ‘owner-managed’ groeibedrijven – allen leden van iGMO – namen deel. Nieuw dit jaar is dat dit onderzoek gecombineerd werd met een wereldwijde studie (cfr. Onderzoek “Strijden voor groei”, Ernst & Young), wat toelaat om de Vlaamse resultaten voor het eerst binnen een breder perspectief te plaatsen.

Hans Crijns, professor Ondernemerschap aan Vlerick, licht toe: “In hun prioriteiten om de crisis aan te pakken, stellen we een groot verschil in visie vast tussen executives van mature multinationals en ondernemers (‘global entrepreneurs’). Terwijl executives vooral de nadruk leggen op ‘het veilig stellen van wat er is’ (dus: verdedigen), gaan ondernemers actief op zoek naar ‘nieuwe marktopportuniteiten’ (dus: aanvallen). Net zoals goede voetballers tweevoetig zijn, en topploegen sterk zijn in zowel verdediging als aanval, moeten ook goede bedrijven beide strategieën toepassen. En onze Vlaamse groeibedrijven hebben die technieken veel beter onder de knie dan hun collega’s in zowel West-Europa als de rest van de wereld, doordat ze alerter en vinniger zijn.” Een voorbeeld: wanneer de bedrijven gevraagd worden hoe snel ze kunnen reageren op een wijziging in de vraag, blijkt dat maar liefst 50% van de Vlaamse groeiers direct kan bijsturen! In Europa is dat slechts 37% en op wereldvlak 36%. Bovendien is hun pallet aan acties veel ruimer: ze ageren zowel in verdedigend (lees: kostenbesparend) opzicht op vele vlakken (selectiever investeren), als in aanvallend (lees: opportunistisch) opzicht (acquisities, productinnovatie, marktontwikkeling).

Belangrijkste conclusies iGMO groei-onderzoek

Hoe hebben Vlaamse groeibedrijven de crisis aangepakt en hoe kijken ze naar de toekomst?

  • Vlaamse groeibedrijven beschouwen het ergste van de crisis als voorbij. 74% is tevreden tot zeer tevreden over de performantie van zijn/haar bedrijf en die tevredenheid ligt zelfs hoger dan in 2007 (71%)! In het dal van 2009 was dit slechts 49%.
  • 73% kende de afgelopen 2 jaar een toename van de omzet en 78% een toename van de winstgevendheid. Vlaamse groeibedrijven waren dus zeer performant in volle crisisperiode!
  • Qua toekomstperspectief is 88% van de groeibedrijven positief en hoopvol voor de komende 2 jaren. Daarmee bereikt hun tevredenheid over de toekomst terug het niveau van voor de crisis (2007: 89%). Het dieptepunt lag in 2009 (58%).
  • Hoe hebben ze de crisis aangepakt?
    • Via kostenbesparende innovaties (een mooie combinatie van verdedigen en aanvallen)
    • Via het lanceren van nieuwe producten (meer dan andere bedrijven)
    • Via een verhoogde aandacht voor marketing en sales
  • Groeistrategie: Vlaamse groeiers wagen zich niet snel op nieuwe markten. Ze kiezen vooral voor het lanceren van nieuwe producten en het aan de man brengen van bestaande producten op een bestaande markt. Aan de ene kant kan dit komen door koudwatervrees, maar een positieve verklaring is dan weer dat ze hun bestaande markten verder willen uitdiepen. ·
  • Opvallend is dat maar liefst 33% in het afgelopen jaar een acquisitie heeft gedaan en dus volop voor de aanval gaat!
  • Wat is wel/geen rem op toekomstige groei?
    • WEL: het aantrekken en ontwikkelen van talent. “The war for talent is back”. Meer nog dan de bedrijven die zich eerder verdedigend opstellen, maken deze groeibedrijven gebruik van opportuniteiten die de crisis biedt en daarvoor hebben ze talentvolle medewerkers nodig. Het feit dat ze een kleinere schaal hebben dan de multinationals kan in hun nadeel spelen, omdat voor hen één medewerker belangrijker is en een grotere impact heeft dan één medewerker bij een grote multinational. Anderzijds speelt de dynamische en stimulerende bedrijfscultuur dan weer in hun voordeel.
    • NIET: financiering. Vlaamse groeiers hebben een goede toegang tot kapitaal en ervaren weinig financieringsbeperkingen (slechts 7%). Het feit dat het merendeel vooral door familiale aandeelhouders gefinancierd wordt, zorgt voor meer rust c.q. minder onrust in turbulente tijden, zoals een financiële en economische crisis.
  • De belangrijkste kostendruk ligt op kosten van arbeid en grondstoffen. Wereldwijd is dit eerder prijserosie. Vlaamse bedrijven hebben echter veel minder aan prijsverlagingen gedaan, integendeel zelfs, zij voorzien om zelf prijsverhogingen door te voeren.
  • Alle bedrijven stelden de afgelopen twee jaar een sterke toename van de concurrentie vast, en dit zowel wereldwijd, in West-Europa als in Vlaanderen. Bovendien denken de Vlaamse groeibedrijven dat de competitie in de toekomst nog verder zal toenemen.

 

Over het Impulscentrum: 

www.vlerick.be/igmo 

Lijst van alle iGMO-leden:
http://www.vlerick.be/nl/knowres/centra/1540-VLK/leden.html