Teams die elkaar inspireren

Strategisch partnership tussen EY België en de Koninklijke Belgische Hockey Bond

  • Share

View this page in French

Teams van topsporters zoals de Red Panthers enerzijds en van medewerkers die een topcarrière nastreven bij EY België anderzijds hebben meer met elkaar gemeen dan men zou denken. Teamgeest, het belang van coaching en leadership ... voor beide teams zijn het meer dan loze woorden. En tegelijk kunnen ze veel van elkaar leren.

Een succesverhaal schrijf je niet alleen. In dit partnership zijn vele partijen betrokken. Wij brengen drie mensen die op een verschillende manier hun steentje bijdragen samen voor een gesprek over de parallellen tussen topsport en ondernemen: Pascal Kina, coach van de Red Panthers, Charlotte De Vos, aanvoerster van het team, en Herman Schepers, People Leader van EY. “EY gelooft sterk in het steunen van jong sportief talent. We zijn partner van het BOIC en we hebben ook jarenlang Kim Clijsters gesteund. Aan Kim en haar vader heb ik nog steeds een heleboel warme herinneringen”, vertelt Herman Schepers. “Maar we wilden ook investeren in sportteams, omdat we ons daarmee – als high performing team – ook uitstekend konden identificeren. En we geloven in het geven van kansen aan jonge, veelbelovende talenten, zowel binnen als buiten onze organisatie. Toen de Koninklijke Belgische Hockey Bond zich in 2012 aandiende met hun enthousiasme en ambities, waren we dan ook snel verkocht, en dat hebben we ons nog geen moment beklaagd. Onze jonge hockeyteams zijn een mooi groeiverhaal, net zoals het bobsleeteam van Elfje Willemsen en Hanna Mariën, dat we overigens ook ondersteunen. Het partnership van EY met de bond omvat alle teams, de dames, de heren en de jeugdwerking.” Zowel EY als de Red Panthers hebben een gemiddelde leeftijd die ver onder het gemiddelde van de ‘concurrentie’ ligt. Bij het vrouwenhockeyteam ligt de gemiddelde leeftijd op slechts 21 jaar. Een team waarop men nog jarenlang kan voortbouwen, weet iedereen. “Maar er komt nu al nog meer jong talent om de hoek kijken”, waarschuwt Pascal Kina.

De Koninklijke Belgische Hockey Bond en EY stapten in een strategisch partnership dat veel verder reikt dan de traditionele sponsorshipdeals. “We doen meer dan alleen een bedragje storten voor de werking van het hockeyteam”, stelt Herman Schepers heel duidelijk. “We geven hen ook advies over onderwerpen waarover wij met onze jarenlange expertise gewoon veel meer weten: fiscaliteit, werken in het buitenland, beheer van de sponsorgelden, enz. Dat is voor hen ook belangrijk: dat hun werking professioneel wordt begeleid en ondersteund.” Intussen is men bij EY ook met de hockeymicrobe besmet: “We hebben al enkele eigen hockeyteams samengesteld, die af en toe aan bedrijfstoernooien deelnemen. Niet op het niveau van de Red Panthers, maar toch verdienstelijk op hun niveau”, lacht Herman Schepers.

Boeiende gelijkenissen en verschillen


De gelijkenissen en verschillen tussen sporten in teamverband en teams in het bedrijfsleven zijn boeiend en verrijkend, vindt ook Pascal Kina, die zelf ook in het bedrijfsleven stond voor hij bondscoach werd. “Veel van de gebruiken en normen uit het bedrijfsleven zijn ook bij ons belangrijk. Teambuildingsessies om iedereen op dezelfde lijn te krijgen, bijvoorbeeld, maar ook analyses van de karakterprofielen van alle teamleden, zodat we optimaal kunnen inspelen op ieders sterktes en zwaktes. Creatieve speelsters moet je bijvoorbeeld de kans geven om hun creativiteit ten volle te benutten, het zou zonde zijn om hen in een keurslijf te dwingen. Dat geldt trouwens evengoed in het bedrijfsleven.” Pascal Kina gelooft sterk in het hoog leggen van de lat: “De doelen die je voor elke speelster stelt, mogen best hoog liggen en het uiterste van hun doorzettingsvermogen vergen. Zo leren ze ook beter onder druk presteren.” “Elk krijgt een PDP, een personal development program”, bevestigt Red Panther Charlotte De Vos. “Dat PDP kan best pittig zijn, want het is afgestemd op de sterktes en zwaktes van elke speelster afzonderlijk, en bedoeld om het maximum uit elk van hen te halen.” Ook daar zijn parallellen met de bedrijfswereld te trekken, meent Herman Schepers: “Het kan geen kwaad om medewerkers af en toe uit hun comfortzone te halen, om hen naar een hoger niveau te tillen.”

Eén aspect waarin bedrijfsleven en topsport wel grondig van elkaar verschillen, is de coaching, en met name het verschil in coaching van mannen en van vrouwen. Charlotte De Vos beaamt: “Vrouwen reageren anders op kritiek en tegenslag dan mannen. Mannen zullen eerder de schuld bij een ander zoeken, vrouwen eerder bij zichzelf. Ze voelen zich dan ook sneller aangevallen dan hun mannelijke collega’s. Als coach moet je hier ook rekening mee houden.”

Maar andere aspecten van coaching leunen dan weer nauw bij elkaar aan. Pascal Kina gebruikt graag de methode van het vragenstellen om problemen op te lossen. “Zo laat je hen nadenken over wat ze doen, in plaats van hen meteen het antwoord voor te schotelen, en de kans is dan veel groter dat ze de oplossing nooit meer vergeten.” Ook bij EY gelooft Herman Schepers niet in het voorkauwen van antwoorden en oplossingen: “Je moet ze laten zoeken naar een oplossing. Zo kan je ook de toptalenten van de minderen onderscheiden: sommigen vinden een oplossing, en sommigen zullen die nooit vinden.” “Maar die hebben dan vaak andere kwaliteiten,” vult Pascal Kina aan, “talenten die je ook hard nodig hebt in een team.”

Leiderstypes en typische leiders


Wat topsport en bedrijfsleven ook gemeenschappelijk hebben, is hun visie op leadership. Er is met name een duidelijk verschil tussen het formele leadership en het aangeboren leiderstalent. “Elk kan zijn eigen talent hebben, maar een leider zal je altijd als leider herkennen, ongeacht zijn functietitel”, ondervond Herman Schepers al meermaals. “Maar je hebt verschillende types leiders”, vult Pascal Kina aan. “De ene speelster neemt de anderen mee op sleeptouw op het veld, de andere meer daarbuiten, nog een derde neemt de leiding als het communicatie met de buitenwereld betreft. Het is belangrijk dat je dit inziet en bespeelt, als je je team optimaal wil laten presteren. Charlotte bijvoorbeeld, is geen autoritair type op het veld, maar ze is een uitstekende ambassadeur voor ons team ernaast en een goede motivator binnen het team.”

“Ik geloof niet in het dwingen of verplichten van mensen”, verwoordt Charlotte De Vos haar rol. “Ieder moet zijn eigen verantwoordelijkheid nemen, en iedereen mag op de anderen commentaar hebben, als die maar de juiste woorden kiest. Ook de jonge speelsters mogen de ouderen coachen op het veld, ook al is het hun eerste wedstrijd. Zo betrek je iedereen meer bij het team, en behaal je betere resultaten.”

Efficiëntie versus teambuilding

Tot slot nog een bedenking over ‘Het Nieuwe Werken’, dat ook bij EY opgang maakt. “In onze zogenoemde ‘Workplace of the Future’ maakt het niet zozeer uit waar je werkt, maar wat je doet. Samenwerken kan je ook vanop afstand, de technologie is hiervoor al ver genoeg gevorderd. We beginnen trouwens steeds meer telefoons te vervangen door headsets om via de pc en ons unifi ed communication platform te bellen. Zo kan je thuis of elders werken wanneer dit het efficiëntste is”, schetst Herman Schepers de nieuwe werkomstandigheden.

Toch is hij beducht voor het verdwijnen van de teamspirit als de teamleden elkaar niet zo vaak zien: “Onze ambitie die we in ons strategisch plan hebben uitgesproken – om het highest performing team te worden – vergt geregeld contact tussen de teamleden, toch minstens een- à tweemaal per week.” En dat is nog niets vergeleken met hoe vaak de hockeyspelers en -speelsters elkaar zien: zij zien elkaar 15 à 20 uur per week, in de gewone periodes. Bij de voorbereiding op een groot toernooi wordt dat nog intensiever.

Doorzettingvermogen en discipline


Wordt het dan soms niet te veel voor de Red Panthers? Krijgen ze soms geen overdosis van hun teamleden? Of lossen ze dat op zoals de Rode Duivels, met op tijd en stond een iPod op het hoofd en een of andere spelconsole? “Bij ons wordt er in elk geval niet gegamed”, lacht Charlotte De Vos. “Als we ons terugtrekken, is het eerder om te studeren of zo. Er zijn nog verschillende meisjes die topsport en studie combineren. Dan moet je gedisciplineerd je planning volgen, anders lukt het niet.” Een doorzettingsvermogen en discipline binnen het vrouwenhockeyteam waar wellicht menig bedrijfsleider alleen maar van kan dromen.