Buitenlandse bedrijven creëren (iets) meer jobs, maar blijven terughoudend over toekomstige investeringen

Verhoogde waakzaamheid voor fiscaliteit en innovatie blijft essentieel

  • Share

View this page in French

Brussel, 23 mei 2017 – België trok in 2016 exact 200 buitenlandse investeringsprojecten aan. Dat blijkt uit de Barometer van de Belgische Attractiviteit, een jaarlijks rapport van EY dat de aantrekkelijkheid van België als investeringslocatie meet.

Daarmee kent ons land een beperkte terugval ten opzichte van recordjaar 2015, maar doet het beter dan in alle voorgaande jaren. In vergelijking met andere West-Europese landen oogt het resultaat matig. De hoge belastingdruk, de beperkte innovatiekracht en het uitblijven van een oplossing voor het mobiliteitsvraagstuk, blijven voor bezorgdheid zorgen bij de bedrijfsleiders, die erg afwachtend zijn om bijkomende investeringen te plannen.

De cijfers van de Barometer van de Attractiviteit wijzen op een duidelijke heropleving van de economie in Europa. Met 5.845 nieuwe projecten bereikt het aantal directe buitenlandse investeringen in alle Europese landen samen een nieuwe recordhoogte. België strandt op het op één na beste resultaat ooit met 200 projecten; het laat een daling van 5% optekenen ten opzichte van recordjaar 2015 (211 projecten). Daarmee is ons land achtste in de rangschikking van de aantrekkelijkste Europese landen, en moet het, zoals de voorgaande jaren, buurlanden Duitsland, Frankrijk en Nederland laten voorgaan.

Wat jobcreatie betreft, is België pas 18e in het Europese peloton. Met 3.309 nieuws jobs uit directe buitenlandse investeringsprojecten is er wel een lichte vooruitgang (+4%) merkbaar ten opzichte van vorig jaar (+19% in Europa).

Buitenlandse investeerders nemen afwachtende houding aan

Uit een bevraging van buitenlandse bedrijfsleiders over factoren die de aantrekkingskracht van België beïnvloeden, blijkt een erg afwachtende houding ten aanzien van toekomstige investeringen in ons land. Net als in 2015 denkt slechts 26% van de ondervraagden dat het investeringsklimaat in de volgende drie jaar in positieve zin zal evolueren. De meerderheid voorspelt een status quo (56%) of een achteruitgang (7%). Deze weinig optimistische visie uit zich ook in het lage aantal bedrijven dat van plan is in het komende jaar activiteiten in België op te starten of uit te breiden (13%).

De buitenlandse investeringen worden kleiner in omvang en creëren weinig nieuwe jobs. Dit is een trend in alle geïndustrialiseerde landen. “De verminderde interesse van VS bedrijven voor Belgie is echter  verontrustend. Samen met de recente sluiting van enkele belangrijke dochterondernemingen in Belgie (Ford, Caterpillar...) betekent dit  dat we in de toekomst meer afhankelijk van eigen ondernemerschap worden." zegt Leo Sleuwaegen.

Een reden tot paniek is er evenwel niet. Slechts 2% van de bedrijfsleiders is van plan om activiteiten uit België weg te trekken, meteen het laagste aantal sinds het begin van het perceptieonderzoek in 2005.

Zowel de naakte cijfers als de input van de ondervraagde investeerders tonen aan dat België slechts gedeeltelijk mee profiteert van de betere economische omstandigheden die zich overal in Europa aandienen”, licht Tristan Dhondt, vennoot EY internationaal locatie en strategisch vastgoedadvies, toe. “Ondanks een aantal hoopgevende evoluties, blijft de vaststelling dat ons land er maar niet in slaagt om komaf te maken met enkele hete hangijzers die al jaren aanslepen, en een belangrijke rem vormen op de investeringsbereidheid van buitenlandse bedrijfsleiders.”

Vijf voor twaalf voor belastingdruk, ook innovatie verdient meer aandacht

Dat België in vergelijking met de buurlanden matig scoort, lijkt inderdaad te wijten aan een aantal hardnekkige problemen. Zo blijft de hoge belastingdruk voor bedrijven een van de grootste verzuchtingen van buitenlandse investeerders. Maar liefst 46% van de ondervraagden vindt het terugdringen van de belastingdruk de grootste prioriteit om de concurrentiekracht van België te verhogen.

Een hervorming van de vennootschapsbelasting dringt zich op. Met de tax shift heeft de regering-Michel een belangrijke stap gezet op weg naar meer competitiviteit, maar er is duidelijk een bijkomende inspanning nodig om buitenlandse investeerders te overtuigen voor België te kiezen”, zegt Herwig Joosten – hoofd van de afdeling internationale fiscaliteit bij EY.

Evenwel is de nominale vennootschapsbelastingvoet van 33,99 %, de allerhoogste in Europa. We zien dat onze buurlanden hun algemene nominale aanslagvoet doen dalen of daartoe plannen hebben. Niet enkel weerhoudt dit investeerders te (blijven) kiezen voor België, we zien een  trend de laatste twee jaren dat strategische activiteiten weggetrokken worden uit België naar landen zoals, Zwitserland, Ierland … "

Om echt mee te spelen op internationaal niveau, doet België er tevens goed aan om meer in te zetten op technologie en innovatie. Volgens 38% van de ondervraagden kan dat de positie van België in de wereldeconomie verstevigen. Het terugdringen van de loonkost vervolledigt de top drie; voor één op de drie bedrijfsleiders is dat een prioriteit, maar vooral bij kleinere bedrijven staat dit op de agenda in kader van hun wendbaarheid.

Het mobiliteitsvraagstuk ten slotte wordt een steeds grotere hinderpaal om buitenlandse investeringen aan te trekken. Van alle ondervraagde bedrijfsleiders geeft 45% aan dat het fileleed en de toegang tot de weginfrastructuur een negatieve impact hebben op hun investeringsbeslissingen.

Vlaanderen is de aantrekkelijkste, maar juicht beter niet te hard

In de resultaten van de studie springen een aantal opvallende regionale verschillen in het oog. Voor 42% van de ondervraagde bedrijfsleiders is Vlaanderen de aantrekkelijkste regio om te investeren. Daarmee gaat Vlaanderen voor het eerst sinds 2012 Brussel vooraf. Opvallend daarbij is dat Vlaanderen vooral investeerders kan bekoren die reeds actief zijn in België. Binnen die groep kiest 65% voor Vlaanderen als favoriete investeringsregio, terwijl een meerderheid van de bedrijven zonder activiteiten in ons land vasthoudt aan de hoofdstad (61%, tegenover 14% voor Vlaanderen).

De aantrekkingskracht van Vlaanderen uit zich in de reële investeringscijfers. Met 105 projecten trekt de regio meer dan de helft van de investeringen in België aan, en laat het traditiegetrouw Wallonië en Brussel achter zich. Toch is er geen reden tot euforie. Het aantal projecten dat gerealiseerd werd in Vlaanderen is er in vergelijking met vorig jaar significant op achteruit gegaan (van 141 naar 105), net als het aantal gecreëerde jobs (van 2.387 naar 1.804 of -24,4%).

Brussel gaat er spectaculair op vooruit. De 47 gerealiseerde projecten in het Hoofdstedelijk Gewest waren samen goed voor liefst 660 jobs (tegenover slechts 48 vorig jaar). Wallonië doet het beter dan in 2015, met 845 jobs (+15,3%) uit 48 projecten (tegenover 41 projecten in 2015 of + 17,1%).

Stad Brussel handhaaft zich in Europese top tien, maar is lang geen Silicon Valley

De Barometer van de Attractiviteit brengt ook de aantrekkingskracht van een aantal Europese steden in kaart. Binnen de top tien blijft Brussel na de aanslagen van 22 maart relatief goed overeind. Het budget van 66 miljoen euro dat de Brusselse regering vorig jaar uittrok om de economie in Brussel aan te zwengelen, lijkt de negatieve impact van de aanslagen min of meer te neutraliseren. Wat innovatiekracht betreft, heeft Brussel – net als de rest van het land – nog werk. Gevraagd naar steden die mogelijk een nieuwe Google zouden kunnen voortbrengen, dacht slechts 2% van de internationale bedrijfsleiders aan onze hoofdstad. Globaal gezien spelen vooral Aziatische landen de viool en zien we minimaal Europese steden in de rangschikking voorkomen.

Een blik op de toekomst - aanbevelingen voor de overheid

Om de aantrekkelijkheid van ons land voor buitenlandse investeerders naar de toekomst toe te verhogen, dient zich een brede waaier aan potentiële beleidsmaatregelen aan. “Op fiscaal vlak moet dringend werk worden gemaakt van een verlaging van de vennootschapsbelasting tot op het niveau van de buurlanden. Het implementeren van fiscale stimuli om arbeidsintensieve investeringen aan te moedigen, kan eveneens bijdragen tot een versterking van onze concurrentiepositie”,

“Daarnaast zijn bijkomende inspanningen nodig om innovatie te stimuleren. Het is van cruciaal belang de creativiteit, flexibiliteit en belang van samenwerken in onze opleidingen te stimuleren. Niet kennis op zich maar de nadruk op omgaan, analyseren en delen van kennis zal de innovatie voortstuwen” zegt Tristan Dhondt.

"We denken hierbij bijvoorbeeld aan het verminderen van de complexiteit op het vlak van subsidies, het vereenvoudigen van administratieve procedures en regels, of het nog meer fiscaal aanmoedigen van innovatie en onderzoek. Ten slotte liggen ook in de domeinen interne markt en infrastructuur een aantal opportuniteiten. Zo zou de creatie van een overlegforum met buitenlandse investeerders kunnen helpen, en moet er een realistisch termijnplan komen om de mobiliteitsproblemen structureel aan te pakken. De combinatie van al deze elementen zal bepalend zijn voor het succes van België als investeringsmarkt in de toekomst.”


Over de Barometer van de Belgische Attractiviteit

Met de jaarlijkse Barometer van de Belgische Attractiviteit houdt EY de vinger aan de pols van het Belgische investeringsklimaat. De studie is gebaseerd op een tweevoudige, originele methodologie die ten eerste de echte attractiviteit van Europa weergeeft voor directe buitenlandse investeerders aan de hand van de European Investment Monitor (EIM) van EY, en ten tweede de ‘waargenomen’ attractiviteit weergeeft van Europa en zijn concurrenten aan de hand van een representatief panel van meer dan 800 internationale beslissers.