Persbericht

Jongere generatie minder kritisch tegenover onethisch gedrag

  • Share

13 april 2017 –  Onethisch gedrag en een hoge mate van wantrouwen ten opzichte van collega’s zijn aan de orde van de dag bij werknemers van bedrijven in Europa, het Midden-Oosten, India en Afrika (EMEIA). Ook in Nederland.

Opmerkelijk is vooral de losse houding van de jongere generaties. Deze zijn eerder bereid onethisch te handelen als dit in het voordeel is van het bedrijf waar ze werkzaam zijn. Dit blijkt uit de EY EMEIA Fraud Survey, Human instinct or machine logic – which do you trust most in the fight against fraud and corruption?, een tweejaarlijks onderzoek onder 4.100 medewerkers van grote bedrijven uit 41 landen.

Generatie Y

Generatie Y (25 tot 34 jaar oud, 32% van alle respondenten) heeft een relaxte houding ten opzichte van onethisch gedrag. 73% procent van generatie Y geeft aan dat dergelijk gedrag te rechtvaardigen is om een bedrijf te helpen, vergeleken met 49% van alle ondervraagde personen van 45 tot 54 jaar (generatie X) die er zo over denken.

Bovendien is 68% van de generatie Y-respondenten van mening dat hun management zou overgaan tot onethisch gedrag om een bedrijf te helpen overleven, en zou 25% van generatie Y geld betalen om klanten te winnen of te behouden.

Generatie Y geeft tevens blijk van een groter wantrouwen ten opzichte van collega's: 49% denkt dat hun collega's bereid zouden zijn onethisch te handelen om hun carrière vooruit te helpen, vergeleken met 40% in alle leeftijdsgroepen gezamenlijk.

Van de Nederlandse ondervraagden geeft meer dan tweederde aan dat zorgen over ethisch gedrag in het bedrijf waar ze werkzaam zijn geen reden voor hen zou zijn om ontslag te overwegen. Bijna de helft van de Nederlanders denkt dat hun carrièreontwikkeling (47%) dan wel loyaliteit aan collega’s (42%) hen in de weg zouden staan om fraude, omkoping of corruptie te melden binnen het bedrijf waar ze werkzaam zijn.

Binnen West-Europa scoort Nederland gemiddeld 8% hoger op beide gebieden en in EMEIA bevindt het zich stevig in de top 10.

Brenton Steenkamp, Fraud Investigation & Dispute Services leader in Nederland:Ondanks tekenen van verbetering in sommige opkomende economieën beschouwt meer dan de helft (51%) van de respondenten in heel EMEIA (Nederland: 23%) omkoping en corruptie nog steeds als een grote uitdaging. Daarnaast zijn er zorgwekkende aanwijzingen dat senior managers tekortschieten in het aanpakken van deze problemen, wat een negatieve invloed kan hebben op personeel van de jongere generatie.

"Bedrijven moeten stappen ondernemen om een cultuur te creëren waarin het in het belang van de werknemers is om te doen wat juist is. Trainings- en bewustwordingsprogramma's kunnen een grote rol spelen in het duidelijk maken wat de gevolgen zijn van fraude en corruptie, en mensen aanmoedigen zich uit te spreken als ze zorgen hebben over onethisch gedrag.”

Monitoring gegevens werknemers

Uit de survey komt een duidelijke spanning naar voren tussen het gebruik van technologie en het monitoren van privégegevens van werknemers. 75% van alle respondenten zegt dat hun bedrijf tenminste één van de bronnen als e-mails, telefoongesprekken of chatgesprekken moet bewaken.

Desondanks is 89% van mening dat het monitoren van één van deze gegevens een inbreuk op de privacy zou vormen. De meeste Nederlandse ondervraagden staan niet open voor het monitoren van bijvoorbeeld e-mails (76%), telefoongesprekken (76%) of social media profielen (49%) om zo het het risico op fraude, corruptie en omkoping te verminderen. Met name bij e-mails en telefoongesprekken is privacy een heet hangijzer.

Steenkamp: “De dreiging die van werknemers uitgaat is zeer reëel, maar blijft lastig op te sporen zonder het verzamelen en analyseren van gegevens uit uiteenlopende bronnen. Door zich te richten op gedragspatronen kunnen bedrijven personen opsporen die een verhoogd risico kunnen vormen. Bedrijven moeten nieuwe technologieën op het gebied van toonaangevende forensische data analytics omarmen om onethisch gedrag te herkennen en op te sporen."