EY Global Fraud Survey 2018

Het globale niveau van fraude en corruptie in België is de voorbije zes jaar verdubbeld

  • Share

Brussel, 6 juni 2018 – Omkoping en fraude zijn nog steeds een zeer actueel probleem in het mondiale bedrijfsleven. Dit blijkt uit de nieuwste editie van de EY Global Fraud Survey waarbij 2.550 bestuurders en managers ondervraagd werden in 55 landen.

Ook al werd er sinds 2012 wereldwijd heel wat nieuwe regelgeving ingevoerd om fraude in het bedrijfsleven tegen te gaan, is het globale niveau van omkoping en corruptie op zes jaar tijd niet gedaald. Erger nog: in België zou het zelfs verdubbeld zijn. In ons land vinden ook twee keer meer managers dat het aanbieden van cash geld gerechtvaardigd is om met je bedrijf een economische dip te overwinnen.

Fraude is nog steeds een enorme uitdaging. Ondanks het feit dat regelgevende en gerechtelijke instanties sinds 2012 overal ter wereld meer dan 11 miljard US dollar aan boetes hebben uitgeschreven, blijft onethisch gedrag in bedrijven een hardnekkig probleem. De 2018 editie van de EY Global Fraud Survey toont namelijk aan dat 38% van de managers wereldwijd nog steeds vindt dat omkopings- en corruptiepraktijken op grote schaal voorkomen in het bedrijfsleven. In de opkomende markten bedraagt dit cijfer zelfs 52%. West-Europa (21%) en België (20%) scoren op dit vlak veel beter dan het wereldwijde gemiddelde, wat aantoont dat het verschil in corruptieniveau tussen enerzijds opkomende en anderzijds ontwikkelde economieën groot blijft.

Toch zijn niet alle resultaten voor België even goed. Zo geeft 11% van de managers wereldwijd aan dat hun bedrijf de voorbije twee jaren met een significant geval van fraude te maken kreeg. Verbazend genoeg is dit percentage voor België maar liefst 20%. Alleen Oekraïne (36%) en Kenya (26%) doen het slechter dan ons land. “Met 20% steekt België daar inderdaad met kop en schouders bovenuit”, zegt Frederik Verhasselt, vennoot bij EY en verantwoordelijk voor de afdeling Fraud Investigation and Dispute Services. “De West-Europese en ontwikkelde landen behalen hier een gemiddelde score van 10%, de helft van ons land dus.”

Cash blijkt geen probleem voor vele Belgische bestuurders

De Belgische resultaten van de EY Global Fraud Survey zijn ook verontrustend wanneer het gaat om het aanbieden van cash geld. Voor vele Belgische managers blijkt dit gerechtvaardigd als het hen helpt om met hun bedrijf een economische dip te overwinnen. “In België vindt 12% van de managers dat het aanbieden van cash niet wordt gezien als onethisch gedrag. Opnieuw is dit zowat dubbel zoveel als hun collega’s in de andere West-Europese en ontwikkelde landen. Dit is erg opvallend, omdat de Belgische wetgever er alles aan doet om grotere cash betalingen te vermijden en zo het zwarte circuit lam te leggen”, aldus Frederik Verhasselt.

Er blijkt ook een verschil te zijn tussen de jongere en oudere respondenten wanneer het gaat om dit soort onethisch gedrag. Wereldwijd blijkt namelijk dat 20% van de respondenten die jonger zijn dan 35 jaar de betaling van smeergeld gerechtvaardigd vinden om deals te winnen of te behouden, wat veel hoger is dan de algemene gemiddelde score van 13%.

Integer zakendoen is belangrijk

Gelukkig zijn er ook positieve resultaten voor België. Zo vindt 96% van de Belgische respondenten dat bedrijven moeten kunnen aantonen dat ze integer zakendoen. “Belgische managers beschouwen fraude en corruptie wel degelijk als een aanzienlijk risico voor hun business, net zoals cyberaanvallen, een wijzigende regelgeving en macro-economische ontwikkelingen”, stelt Frederik Verhasselt. “Daarmee zitten de Belgische respondenten op hetzelfde niveau als de managers van de ontwikkelde landen. Eén belangrijk verschil evenwel is dat het terrorismerisico door Belgische managers meer dan dubbel zo hoog ingeschat wordt als het gemiddelde van alle respondenten. Mogelijk liggen de aanslagen in Brussel nog vers in het geheugen.”

Het is ook interessant om op te merken dat 70% van de Belgische managers aangeeft dat er binnen zijn bedrijf duidelijke straffen bestaan voor het overtreden van de fraude-policy. Toch wordt slechts 54% hiervoor ook effectief bestraft. “Dat lagere cijfer is niet onlogisch”, legt Frederik Verhasselt uit. “Fraudegevallen worden door bedrijven het liefst in stilte opgelost, al merken we op dit vlak een kentering. Meer en meer ondernemingen zijn ervan overtuigd dat een duidelijk voorbeeld stellen een boost kan geven aan fraudepreventie.”

De volledige resultaten van de EY Global Fraud Survey 2018 zijn terug te vinden op de website van EY: https://fraudsurveys.ey.com