Persbericht

14 dec. 2021 Amsterdam, NL

Kredietwaardigheid onderwijs biedt goede uitgangspositie voor strategische transformatie

Uit de Barometer blijkt dat het middelbaar- en hoger (beroeps) onderwijs er -ondanks corona- financieel goed voorstaat: de gemiddelde rating bedraagt A+.

Perscontact
Toby Ellson

EY Nederland Woordvoerder

  • Onderwijsinstellingen worden door de corona pandemie versneld uitgedaagd om te transformeren.
  • Om dit proces te financieren zijn traditionele geldschieters mogelijk niet meer voldoende en moet worden gezocht naar alternatieve geldstromen.
  • Kredietrating geeft een nieuw perspectief op de financiële mogelijkheden van onderwijsinstellingen. 

Onderwijsinstellingen worden door de corona pandemie versneld uitgedaagd om te transformeren. Om dit proces te financieren en te bekostigen, zijn traditionele geldschieters mogelijk niet meer voldoende en moet worden gezocht naar alternatieve geldstromen. Een stabiele kredietrating kan hierbij ondersteunen. Accountants en advieskantoor EY gaf voor zijn eerste Onderwijsbarometer 111 Nederlandse MBO, HBO en WO instellingen een indicatieve rating en concludeerde dat de meeste instellingen er in 2020 financieel goed genoeg voor stonden om een transformatie via alternatieve geldstromen te financieren.

De corona pandemie geeft de besturen van onderwijsinstellingen momenteel veel stof tot nadenken. De noodzaak tot het geven van onderwijs op afstand vraagt om een strategische heroriëntatie op de inzet van mensen, middelen en geld. Is onderwijs op afstand een blijver en zo ja, wat betekent dat voor de benodigde vierkante meters aan schoolgebouwen, is de ICT infrastructuur toekomstbestendig, zijn de capaciteiten van docenten en medewerkers op orde en wat zijn de mogelijkheden om deze transformatie te financieren?

Ralph Poulssen, associate partner bij EY en initiatiefnemer van de Barometer:  “Onderwijsinstellingen die bezig zijn met een strategische heroriëntatie hebben de keuze tussen het inzetten van eigen middelen of het aantrekken van vreemd vermogen. Als ze kiezen voor het aangaan van leningen bij traditionele geldschieters als banken of overheid dan is dat veelal gekoppeld aan vastgoed als onderpand. Met de strategische transformatie ontstaat mogelijk een verandering in het onderpand, waardoor financiering uit andere bronnen interessanter kan worden. Iets wat in het buitenland al meer in opkomst is.

Kredietrating

Voor het aantrekken van externe financiering bij institutionele beleggers is het vrijwel altijd noodzakelijk om als organisatie over een kredietrating te beschikken. Organisaties met een goede kredietwaardigheid kunnen tegen gunstigere condities financiering krijgen op de kapitaalmarkt. “In de zorgsector zien wij bijvoorbeeld dat ziekenhuizen, instellingen in de ouderenzorg, GGZ en gehandicaptenzorg zich de laatste jaren hebben laten beoordelen door een kredietbeoordelaar en zodoende profiteren van betere leencondities”, stelt Poulssen. “Voor onderwijsinstellingen hebben we nu een alternatieve kredietrating methodologie ontwikkeld en toegepast op 111 instellingen. Op deze manier hebben we een goed beeld van de financiële gezondheid van de Nederlandse onderwijsinstellingen in het middelbaar en hoger (beroeps) onderwijs gekregen.”

Naast het aantrekken van nieuwe financiering bij alternatieve geldverstrekkers verwachten wij ook dat een kredietrating kan faciliteren in het aantrekken van de steeds belangrijker wordende 3e en 4e geldstromen. Deze objectieve beoordeling draagt bijvoorbeeld bij aan het aantrekkelijk maken voor bedrijven en instanties om een vorm van co­creatie aan te gaan. Zo kan een kredietrating vanuit meerdere perspectieven bijdragen aan de duurzame ontwikkeling van het middelbaar en hoger (beroeps) onderwijs.

Uitkomsten

Uit de Barometer blijkt dat het middelbaar- en hoger (beroeps) onderwijs er -ondanks corona- financieel goed voorstaat: de gemiddelde rating bedraagt A+. De sterke operationele kasstromen, liquide middelen posities en relatief lage schuldposities zijn de basis voor deze rating. Ralph Poulssen: “Als we de ratingmethode toepassen op de jaren 2017-2020 dan zien we een stabiel beeld. Dit betekent echter niet dat elke individuele instelling hierop uitkomt. Uit de cijfers blijkt dat 32 instellingen een A rating scoren in 2020, gevolgd door 25 instellingen met een A+ en 18 met een AA-. Slechts twee instellingen scoren een BB+ of lager. Dit betekent dat vrijwel het gehele middelbaar en hoger (beroeps)onderwijs een zogeheten ‘investment grade’-beoordeling krijgt en dat het merendeel van de instellingen voldoende gezond wordt beoordeeld om alternatieve financieringspartijen geïnteresseerd te krijgen.”

Noot aan de redactie

In de EY Onderwijsbarometer 2021 staat de kredietrating en de toepassing daarvan centraal. Eerst worden de uitkomsten van het ratingmodel op totaalniveau en op deelsector niveau besproken. Hierna wordt een beeld geschetst van de financiële trends en risico-indicatoren van 2017 tot en met 2020, gevolgd door een vooruitblik op relevante ontwikkelingen in het middelbaar en hoger (beroeps)onderwijs. Tot slot worden de ratingscores per deelsector (MBO, HBO, WO) in detail besproken. 

Lees verder of download de volledige Onderwijsbarometer 2021.