Besluit over fondsen geactualiseerd

Besluit verduidelijkt nieuwe fonds voor gemene rekening definitie, gaat in op inkoopfondsen en het onderscheid tussen fonds voor gemene rekening en een transparant fonds

De Staatssecretaris van Financiën heeft recentelijk het besluit over fondsen geactualiseerd. Het besluit vervangt het besluit van 27 november 2024. 

De staatssecretaris licht aan het begin van het besluit toe dat met ingang van 1 januari 2025 een deels nieuwe definitie van het fonds voor gemene rekening in de wet is opgenomen. Het zogenoemde toestemmingsvereiste ten aanzien van de verhandelbaarheid van de bewijzen van deelgerechtigdheid is vervallen in de definitie. Het toestemmingsvereiste is daarmee niet langer een onderscheidend criterium voor de zelfstandige vennootschapsbelastingplicht van een fonds voor gemene rekening. Een nieuw onderscheidend criterium is dat een fonds voor gemene rekening moet zijn aangemerkt als een beleggingsfonds of fonds voor collectieve belegging in effecten als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht. 

In de wet op de inkomstenbelasting is een definitie opgenomen van een transparant fonds. Een fonds ter verkrijging van voordelen voor de deelgerechtigden door het voor gemene rekening beleggen of anderszins aanwenden van gelden, is een transparant fonds als het geen fonds voor gemene rekening is. 

Het verschil met een fonds voor gemene rekening is dat een fonds voor gemene rekening twee aanvullende kenmerken heeft; de koppeling met de Wet op het financieel toezicht zoals hiervoor genoemd en de eis dat sprake moet zijn van verhandelbare bewijzen van deelgerechtigdheid. Daarbij worden bewijzen van deelgerechtigdheid niet als verhandelbaar aangemerkt indien vervreemding uitsluitend kan plaatsvinden aan het fonds zelf. 

De staatssecretaris geeft aan dat in het geactualiseerde besluit beleid is opgenomen over het fonds voor gemene rekening en het transparante fonds en dat het besluit mede ter verduidelijking dient voor de kwalificatie fonds voor gemene rekening of transparant fonds. De staatssecretaris merkt ook nog op dat naar aanleiding van een motie drie knelpunten in kaart zijn gebracht. De bewindsman laat weten dat voor twee van deze knelpunten momenteel wordt onderzocht op welke wijze zij kunnen worden opgelost, waarbij een wijziging van de wetgeving tot de mogelijke oplossingsrichtingen behoort.

Wijzigingen

Het besluit bevat diverse wijzigingen ten opzichte van het besluit van 27 november 2024. In onderdeel 2 is een passage toegevoegd over samenwerkingsverbanden die bij de AFM zijn geregistreerd als beleggingsfonds of fonds voor collectieve belegging in effecten. In onderdeel 3 zijn twee nieuwe onderdelen opgenomen: beleggen in een cv en beleggen in leningen. In onderdeel 4 zijn drie nieuwe of gewijzigde onderdelen toegevoegd, waaronder regels over fondsen met familieleden en de beoordeling van vergunning- of vrijstellingsplichten in Nederland en de EU. In onderdeel 5 zijn bepalingen over verhandelbaarheid, inkoopfondsen en bijzondere situaties rond inkoopfondsen toegevoegd of aangepast. Onderdeel 7 verduidelijkt het omgekeerd hybride lichaam, voortbouwend op het eerdere onderdeel 6. De overige aanpassingen zijn uitsluitend redactioneel.

Het gehele besluit vindt u hier.


Schrijf u hier in voor onze fiscale nieuwsbrief

Blijf altijd up-to-date over fiscale ontwikkelingen: schrijf u hier in voor een van onze Tax nieuwsbrieven.