OESO verduidelijkt indienen van GloBE Information Return en Pillar Two-regels

Praktische afspraken over eerste aangiften, verduidelijking UTPR-safe harbour en uitbreiding van de lijst met gekwalificeerde DMTT-jurisdicties

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) heeft op 18 mei 2026 nieuwe documenten gepubliceerd die praktische nalevingsvraagstukken rond de eerste aangiften onder de wereldwijde minimumbelasting adresseren. 

Gezamenlijk inzicht centrale GIR indiening

De OESO publiceerde een zogenoemd common understanding tussen jurisdicties die de wereldwijde minimumbelasting toepassen met ingang van 2024. Dit document ziet op de werking van het centrale indieningsmechanisme voor de GloBE Information Return (GIR) in het eerste rapportagejaar. Multinationale groepen met een kalenderboekjaar moeten de GIR over 2024 uiterlijk op 30 juni 2026 indienen.

Jurisdicties die zich bij het gezamenlijke inzicht hebben aangesloten, hebben afgesproken – voor zover hun nationale wetgeving dit toelaat – geen nadelige gevolgen te verbinden aan het niet lokaal indienen van de GIR, indien deze tijdig centraal is ingediend in een jurisdictie die operationeel klaar is voor centrale indiening. Dit kan vorm krijgen door het kwijtschelden van boetes of het niet handhaven van lokale indieningsverplichtingen. Deze verlichting geldt uitsluitend voor de lokale GIR indiening en laat andere verplichtingen, zoals meldingen en binnenlandse minimumbelastingaangiften, onverlet.

Actualisatie centraal register

Daarnaast heeft de OESO het centrale register voor de wereldwijde minimumbelasting geactualiseerd. In dit register zijn jurisdicties opgenomen waarvan de wetgeving tijdens de overgangsperiode als gekwalificeerd wordt aangemerkt. In de update van mei 2026 is de wetgeving inzake de binnenlandse bijheffing toegevoegd voor de Bahama’s (per 1 januari 2024) en voor Kenia, Koeweit en Oman (per 1 januari 2025).

Nadere richtsnoeren tijdelijke UTPR veilige haven

Ten slotte publiceerde de OESO aanvullende administratieve richtsnoeren over de tijdelijke veilige haven voor de onderbelastewinstbijheffing (UTPR). Deze verduidelijking betreft groepen met een verslagjaar van 52 of 53 weken. Ook een verslagjaar van maximaal twaalf maanden dat aanvangt op of vóór 31 december 2025 en eindigt op of vóór 3 januari 2027, kan onder voorwaarden voor deze veilige haven in aanmerking komen.

Voor een uitgebreide toelichting zie onze Engelstalige EY Global Tax Alert: OECD releases common understanding on GIR central filing and updates to Administrative Guidance under Pillar Two.


Schrijf u hier in voor onze fiscale nieuwsbrief

Blijf altijd up-to-date over fiscale ontwikkelingen: schrijf u hier in voor een van onze Tax nieuwsbrieven.