Staatssecretaris schetst voortgang toezicht, regeldruk en vervolgstappen na evaluatie ANBI-regeling
De staatssecretaris van Financiën heeft de Tweede Kamer recentelijk geïnformeerd over de stand van zaken van maatregelen en onderzoeken naar aanleiding van de evaluatie van de ANBI-regeling.
Aanleiding
In de kabinetsreactie van 1 juli 2025 op de evaluatie van de ANBI- en SBBI-regelingen is aangekondigd dat verbetering van dataverzameling en toezicht prioriteit heeft. Daarbij is gewezen op de introductie van een ANBI-portal en op versterking van samenwerking met de filantropische sector. In de brief van 1 juni 2026 geeft de staatssecretaris een update over deze maatregelen en over de uitvoering van verschillende moties.
Toezicht en samenwerking
Het toezicht op ANBI’s door de Belastingdienst wordt versterkt en verbeterd. Vooruitlopend op de invoering van de ANBI-portal – die naar verwachting rond 2030 volledig operationeel zal zijn – is een tactisch handhavingsplan opgesteld. Dit plan ziet onder meer op intensivering van toezicht, betere beschikbaarheid van data en verdere samenwerking met de filantropische sector. Als voorbeeld wordt genoemd het in december 2025 vernieuwde convenant met Goede Doelen Nederland, de Commissie Normstelling en het CBF.
Regeldruk en groepsbeschikkingen
In het kader van de aanpak van regeldruk bij vrijwilligersorganisaties en filantropische instellingen wordt opnieuw aandacht besteed aan groepsbeschikkingen. Met een groepsbeschikking kunnen meerdere met elkaar verbonden instellingen gezamenlijk als ANBI worden aangemerkt, mits elke instelling afzonderlijk aan de ANBI-voorwaarden voldoet. Dit kan administratieve lasten verminderen en biedt betere mogelijkheden voor toezicht en informatieverzameling. De Belastingdienst zal deze mogelijkheid nadrukkelijker onder de aandacht brengen in zijn communicatie.
Internationaal werkende ANBI’s
De staatssecretaris gaat in op vragen over internationaal werkende ANBI’s. ANBI’s mogen hun algemeen nuttige doelstelling in beginsel verwezenlijken in samenwerking met of via andere, ook buitenlandse, instellingen. Daarbij geldt dat steunstichtingen uitsluitend instellingen met een ANBI-status mogen ondersteunen. Instellingen met een eigen algemeen nuttige doelstelling mogen ook instellingen zonder ANBI-status ondersteunen, mits aannemelijk is dat de middelen in lijn met die doelstelling worden besteed. De Belastingdienst zal bezien of hierover nadere handvatten voor de praktijk kunnen worden gegeven.
Voormalige ANBI’s
Ten aanzien van voormalige ANBI’s constateert de staatssecretaris dat de huidige informatieverplichting niet altijd waarborgt dat het vermogen daadwerkelijk algemeen nuttig wordt besteed. Daarom is onderzocht of aanvullende verplichtingen wenselijk zijn. Op basis van deze verkenning kiest de staatssecretaris ervoor om verder te gaan met de invoering van een bestedingsverplichting en niet met een fiscale eindheffing.
Conclusie en toezeggingen
De staatssecretaris vat de stand van zaken samen en doet daarbij de volgende toezeggingen. Hij zal voor de zomer van 2026 reageren op het advies Beter Geven III van de commissie Rinnooy Kan, waarin wordt gepleit voor een alternatief voor de regeling geven uit de vennootschap. Tegelijkertijd benadrukt hij dat het kabinet het fiscaal aantrekkelijk houden van giften belangrijk vindt en daarom geen geefsubsidie als alternatief voor de giftenaftrek verder zal verkennen.
Daarnaast wordt het toezicht door de Belastingdienst verder versterkt en verbeterd. Ook zal de Belastingdienst meer aandacht besteden aan groepsbeschikkingen in zijn communicatie. Met betrekking tot internationaal werkende ANBI’s zal worden bezien of de praktijk kan worden ondersteund met nadere handvatten voor de beoordeling.
Verder verwacht de staatssecretaris dat de eerste resultaten van het onderzoek naar NSW landgoederen binnen ANBI’s in de tweede helft van 2026 beschikbaar komen. Tot slot concludeert hij dat het wenselijk is om voor voormalige ANBI’s een bestedingsverplichting in te voeren, zodat het resterende ANBI vermogen binnen twee jaar na verlies van de ANBI-status aan een algemeen nuttige doelstelling wordt besteed. Hij is voornemens deze verplichting per 1 januari 2029 op te nemen in de Uitvoeringsregeling AWR.
De gehele Kamerbrief vindt u hier.