A-G adviseert ruimte te bieden voor aanpassing van de onderlinge verdeling na vermindering of teruggaaf, ondanks onherroepelijke aanslagen
De advocaat-generaal (A-G) concludeert dat belastingplichtigen en hun fiscale partner, ook nadat hun aanslagen inkomstenbelasting definitief zijn geworden als gevolg van een collectieve uitspraak in massaal bezwaarprocedures, alsnog de onderlinge verdeling van de grondslag sparen en beleggen kunnen wijzigen. Dit geldt wanneer de gevolgen van de collectieve uitspraak pas kenbaar worden via een daaropvolgende vermindering of teruggaaf. In dat geval zou volgens de A-G binnen zes weken na die beschikking een gezamenlijk verzoek tot aanpassing van de verdeling worden ingediend.
Feiten en omstandigheden
In de aangifte inkomstenbelasting 2017 werd een totale box 3-grondslag van € 514.833 vermeld. Hiervan werd € 284.258 toegerekend aan de belastingplichtige, met een berekend voordeel uit sparen en beleggen van € 11.779. Het overige gedeelte werd toegerekend aan diens partner, van wie de aanslag al vanaf 7 mei 2018 definitief was. Op 16 juli 2019 kreeg de belastingplichtige een aanslag opgelegd, waarbij de inspecteur uitging van een hoger aandeel in de box 3-grondslag (€ 291.837) met een voordeel van € 12.128.
De belastingplichtige maakte bezwaar, maar trok dit later gedeeltelijk in. Op 4 februari 2022 volgde een collectieve uitspraak op massaal gemaakte bezwaren tegen de box 3-heffing, die gegrond werden verklaard naar aanleiding van het zogeheten Kerstarrest. Daarna werd de aanslag verlaagd. Vervolgens vroegen de belastingplichtige en diens partner op 22 juli 2022 om de volledige box 3-grondslag van € 514.833 toe te rekenen aan de partner, zodat het aandeel van de belastingplichtige op nihil zou worden vastgesteld.
De inspecteur beschouwde dit als een verzoek om verdere ambtshalve vermindering en wees het af. Het daaropvolgende bezwaar bleef eveneens zonder succes. In beroep stelde de belastingplichtige dat de verdeling alsnog kon worden aangepast na de collectieve uitspraak. De rechtbank besloot hierover prejudiciële vragen aan de Hoge Raad voor te leggen. De A-G heeft inmiddels conclusie genomen.
Overwegingen van de A-G
De A-G geeft aan dat een collectieve uitspraak die leidt tot herziening van een aanslag, kan worden beschouwd als een moment waarop de definitieve gevolgen voor de belastingplichtige pas kenbaar worden.
De A-G merkt op dat als na een collectieve uitspraak nog een verminderingsbeschikking of teruggaaf volgt, de beperking dat de verdeling alleen vóór de onherroepelijkheid van beide aanslagen kan worden gewijzigd, buiten toepassing moet blijven. Volgens de A-G gaat het hierbij om omstandigheden die bij het opstellen van de wet niet zijn voorzien. Daardoor moet ruimte bestaan om alsnog de onderlinge verdeling van de grondslag sparen en beleggen te wijzigen, ondanks dat de aanslagen formeel definitief zijn. De A-G geeft aan dat belastingplichtige en partner in dergelijke gevallen gezamenlijk een verzoek tot wijziging van de verdeling mogen indienen tot zes weken nadat de gevolgen van de collectieve uitspraak voor hen duidelijk zijn geworden.
De A-G merkt op dat dit in situaties waarin de vermindering voortvloeit uit massaal bezwaar én waarbij geen verzoek om ambtshalve vermindering is gedaan, concreet betekent dat het verzoek mag worden ingediend tot zes weken na dagtekening van de verminderingsbeschikking of teruggaaf.
Volgens de A-G moet de inspecteur in die gevallen de wettelijke beperking met betrekking tot het moment waarop de aanslagen definitief zijn buiten toepassing laten.
Het is nu aan de Hoge Raad om er een eindoordeel over te vellen.