Staatssecretaris informeert Kamer over stand van zaken hersteloperatie box 3 en uitvoering tegenbewijsregeling
De Staatssecretaris van Financiën heeft recentelijk de Tweede Kamer geïnformeerd over de voortgang van de hersteloperatie in het kader van de tegenbewijsregeling box 3. In de brief schetst hij een beeld van de uitvoering sinds de start in de zomer van 2025 en gaat hij in op de wettelijke context, het gebruik en de verwerking van het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement (OWR), de vergoeding van belastingrente, de ondersteuning door de Belastingdienst en de vervolgstappen.
De staatssecretaris licht toe dat burgers op basis van rechterlijke uitspraken de mogelijkheid moeten krijgen om tegenbewijs te leveren wanneer het forfaitaire rendement in box 3 hoger is dan het werkelijk behaalde rendement. Deze mogelijkheid is vastgelegd in de Wet tegenbewijsregeling box 3. Tot de invoering van een nieuw stelsel wordt de belasting in box 3 berekend op basis van forfaitaire rendementen, met de mogelijkheid voor burgers om het lagere werkelijke rendement aannemelijk te maken. De staatssecretaris merkt op dat het formulier OWR hiervoor is ontwikkeld en op 10 juli 2025 beschikbaar is gesteld. Tot en met 8 december 2025 zijn ruim 476.000 formulieren OWR ingediend.
Volgens de bewindsman is het formulier OWR vanaf het belastingjaar 2025 geïntegreerd in de aangifte inkomstenbelasting. Voor eerdere jaren worden burgers actief benaderd. De Belastingdienst heeft circa 2,8 miljoen brieven verstuurd aan burgers die mogelijk in aanmerking komen voor herstel. In deze brieven is ook het forfaitaire rendement vermeld, zodat burgers dit kunnen vergelijken met hun werkelijke rendement en kunnen beslissen of zij een formulier OWR willen indienen.
De staatssecretaris geeft aan dat de Belastingdienst, waar mogelijk, burgers in de gelegenheid stelt om tegenbewijs te leveren voordat een definitieve aanslag wordt opgelegd. Om verjaring te voorkomen zijn voor bepaalde jaren alsnog definitieve aanslagen opgelegd. Ook na het opleggen van deze aanslagen kunnen burgers het formulier OWR indienen. De ontvangen formulieren worden geautomatiseerd getoetst om te bepalen of zij in aanmerking komen voor herstel. In de beginfase zijn bij een beperkt aantal burgers onterechte afwijzingen geconstateerd. Deze zijn volgens de staatssecretaris hersteld en het toetsingsproces is aangepast.
De staatssecretaris merkt op dat formulieren die door de toetsing komen, worden verwerkt om het werkelijke rendement te berekenen. Dit kan leiden tot een definitieve aanslag of een vermindering, eventueel met een teruggaaf. De verwerking is in het najaar van 2025 gestart met de oudste belastingjaren.
Volgens de bewindsman wordt bij de aanslag altijd de voor de burger meest gunstige berekeningsmethode toegepast, ook in situaties waarin sprake is van voorkoming van dubbele belasting. Dit kan leiden tot een hoger verzamelinkomen, wat gevolgen kan hebben voor inkomensafhankelijke regelingen. Burgers kunnen er in dat geval voor kiezen geen tegenbewijs te leveren of bezwaar te maken, waarbij de Belastingdienst maatwerk zal toepassen.
De staatssecretaris geeft aan dat belastingrente alleen wordt vergoed als het formulier OWR is ontvangen vóór het opleggen van de definitieve aanslag. Hij merkt op dat verruiming van deze regels juridisch niet noodzakelijk is en zou leiden tot budgettaire gevolgen.
De gehele Kamerbrief vindt u hier.