Stand van zaken suikerbelasting

Kabinet licht de voorgenomen omzetting naar een suikerbelasting voor dranken en eetwaren en het verdere proces toe

De staatssecretaris van Financiën en de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport hebben recentelijk de stand van zaken van de plannen voor een suikerbelasting op alcoholvrije dranken en eetwaren weergegeven.

Achtergrond en aanleiding

Het kabinet plaatst de voorgenomen maatregelen in het kader van het bevorderen van een gezonde leefstijl. Het aantal mensen met overgewicht en obesitas is de afgelopen decennia sterk gestegen. Het kabinet ziet een rol voor prijsprikkels om consumptiegedrag te beïnvloeden en zet daarom in op het beprijzen van suikerrijke producten. De voorgestelde maatregelen richten zich op zowel alcoholvrije dranken als eetwaren en hebben als doel de suikerconsumptie terug te dringen en productherformulering door producenten te stimuleren.

Suikerbelasting op alcoholvrije dranken

De bewindslieden geven aan dat de huidige verbruiksbelasting op alcoholvrije dranken (één tarief van € 26,13 per hectoliter) wordt omgezet naar een belasting op basis van het suikergehalte. Hierbij kunnen dranken met weinig suiker minder worden belast en dranken met veel suiker juist zwaarder. De totale opbrengst blijft in beginsel gelijk. Het kabinet onderzoekt verschillende varianten, waarbij met name scenario’s waarin zo min mogelijk uitzonderingen gelden als meest passend worden beschouwd. In deze varianten worden vrijwel alle alcoholvrije dranken belast, met mogelijke uitzonderingen voor mineraalwater en zuivel- en sojadranken. Beperkingen van uitzonderingen hangen samen met uitvoerbaarheid en het vermijden van staatssteunrisico’s.

Daarnaast wordt gekeken naar de samenhang met de bieraccijns, om te voorkomen dat alcoholhoudende dranken relatief lager worden belast dan alcoholvrije dranken.

Suikerbelasting op eetwaren

De bewindslieden merken op dat naast dranken ook eetwaren een belangrijk aandeel leveren in de suikerconsumptie. Het kabinet wil daarom een aanvullende suikerbelasting op eetwaren invoeren. Hierbij wordt een structurele opbrengst van € 900 miljoen per jaar vanaf 2030 nagestreefd. Een belangrijke onderzochte variant is een staffelsysteem, waarbij tarieven afhankelijk zijn van het suikergehalte per kilogram product. Daarbij kan bijvoorbeeld een lager tarief gelden bij een suikergehalte tussen 6% en 20% en een hoger tarief bij hogere percentages. Voorts wordt gekeken naar de afbakening van de belastinggrondslag. Zo wordt overwogen alleen producten met een voedseletiket te belasten, omdat het suikergehalte daarvan objectief kan worden vastgesteld. Varianten met meer uitzonderingen of subjectieve criteria worden als juridisch kwetsbaarder beschouwd.

Effecten en internationale ervaringen

De bewindspersonen verwijzen naar ervaringen in andere landen, waaruit blijkt dat suikerbelastingen doorgaans leiden tot een daling van de suikerconsumptie door zowel lagere aankoop als productaanpassing. Tegelijkertijd kunnen effecten zoals grensoverschrijdende aankopen en verschillen tussen inkomensgroepen optreden. Het kabinet verwacht dat producenten de belasting grotendeels doorberekenen aan consumenten. Dit kan leiden tot hogere prijzen voor suikerrijke producten en daarmee een beperkt effect op inflatie en koopkracht, waarbij lagere inkomens relatief sterker kunnen worden geraakt.

Vervolg proces

Het kabinet werkt samen met de Belastingdienst en de Douane aan een wetgevingspakket waarin beide maatregelen worden opgenomen. Dit pakket wordt naar verwachting in 2027 aan de Tweede Kamer aangeboden. De uiteindelijke invoeringsdatum hangt mede af van uitvoerbaarheid en implementatietijd, die naar verwachting enkele jaren bedraagt.

De gehele Kamerbrief vindt u hier.


Schrijf u hier in voor onze fiscale nieuwsbrief

Blijf altijd up-to-date over fiscale ontwikkelingen: schrijf u hier in voor een van onze Tax nieuwsbrieven.