Tijdelijke goedkeuring fiscale beleggingsinstellingsregime

Staatssecretaris introduceert overgangsgoedkeuring voor knelpunten bij kwalificatiewijzigingen per 2025

De staatssecretaris van Financiën geeft met een besluit van 22 juni 2026 een nadere invulling aan het fiscale beleggingsinstellingsregime naar aanleiding van gewijzigde kwalificatiewetgeving en de daaruit voortvloeiende knelpunten.

Het regime van de fiscale beleggingsinstelling is bedoeld om collectieve beleggingen via bijvoorbeeld een BV, NV of fonds voor gemene rekening fiscaal te faciliteren. Het regime voor de fiscale beleggingsinstelling voorziet in een 0% vennootschapsbelastingtarief voor operationele winsten en een volledige vennootschapsbelastingvrijstelling voor vermogenswinsten, mits wordt voldaan aan een aantal voorwaarden. Een belangrijke voorwaarde is dat de winst binnen acht maanden na afloop van het boekjaar wordt uitgekeerd aan de aandeelhouders.

Achtergrond en aanleiding

Het besluit wijzigt het bestaande beleidsbesluit over de fiscale beleggingsinstelling. Dit hangt samen met de invoering van de Wet fiscaal kwalificatiebeleid rechtsvormen en de Wet aanpassing fonds voor gemene rekening en vrijgestelde beleggingsinstelling. Als gevolg van deze wetgeving kan de fiscale kwalificatie van bepaalde door een fiscale beleggingsinstelling gehouden belangen per 1 januari 2025 wijzigen. Een belangrijk gevolg daarvan is dat belangen die voorheen als niet transparant werden aangemerkt, vanaf die datum als transparant kunnen worden behandeld. Daardoor worden de bezittingen en schulden van deze lichamen naar rato toegerekend aan de fiscale beleggingsinstelling. Dit leidt volgens de staatssecretaris tot specifieke knelpunten binnen het fiscale beleggingsinstellingsregime.

Knelpunten uitdelingsverplichting en financieringslimiet

De staatssecretaris merkt op dat de overgang naar transparantie een knelpunt oplevert voor de uitdelingsverplichting. Door de toerekening kunnen voordelen ontstaan die samenhangen met bezittingen en schulden in een lichaam waarin de fiscale beleggingsinstelling een belang houdt. Deze bezittingen en schulden behoren echter niet tot het eigen vermogen van de fiscale beleggingsinstelling en staan niet onder haar directe beschikkingsmacht. Toch kunnen zij leiden tot een verplichting om winst uit te delen. Daarnaast ontstaat een knelpunt bij de financieringslimiet van het fiscale beleggingsinstellingregime. Door de toerekening worden ook schulden van de transparant geworden lichamen als schulden van de fiscale beleggingsinstelling aangemerkt. De fiscale beleggingsinstelling is civielrechtelijk doorgaans niet de schuldenaar van deze schulden. Dit kan ertoe leiden dat niet wordt voldaan aan het vereiste beleggingskarakter van de werkzaamheden. 

Tijdelijke overgangsgoedkeuring

De staatssecretaris verleent, gelet op deze knelpunten, een tijdelijke goedkeuring. Fiscale beleggingsinstellingen mogen bij de winstbepaling voor de uitdelingsverplichting en bij de toepassing van de financieringslimiet uitgaan van de situatie zoals die bestond onmiddellijk vóór 1 januari 2025. Dat betekent dat bepaalde belangen tijdelijk worden behandeld alsof zij nog niet-transparant zijn. Deze goedkeuring geldt voor een overgangsperiode van maximaal zeven boekjaren, of korter indien het belang eerder wordt vervreemd. De staatssecretaris merkt op dat deze termijn aansluit bij een gebruikelijke investeringshorizon, zodat lopende investeringen naar verwachting binnen deze periode kunnen worden afgewikkeld. De toepassing van de goedkeuring is afhankelijk van een schriftelijke verklaring van de fiscale beleggingsinstelling aan de inspecteur. Deze verklaring moet binnen drie maanden na dagtekening van het besluit worden ingediend en geldt voor de volledige toepassingsperiode. 

Het gehele besluit vindt u hier.


Schrijf u hier in voor onze fiscale nieuwsbrief

Blijf altijd up-to-date over fiscale ontwikkelingen: schrijf u hier in voor een van onze Tax nieuwsbrieven.