Voortgang pakket Belastingplan 2026 Eerste Kamer

Nota’s naar aanleiding van het verslag naar Eerste Kamer; toelichtingen op onder meer lucratief belang, overgangsrecht voor fgr, reparatie box 3 en pseudo-eindheffing

De Staatssecretaris van Financiën heeft recentelijk nota's naar aanleiding van het verslag van de wetsvoorstellen behorend bij het pakket Belastingplan 2026 naar de Eerste Kamer gestuurd.

De staatssecretaris geeft antwoorden op vragen en toelichting op de diverse maatregelen die in de wetsvoorstellen zijn opgenomen. Het gaat onder meer om de uitvoerbaarheid van verschillende fiscale regelingen, waaronder de lucratiefbelangregeling, de reparatie van de box 3-tegenbewijsregeling, wijzigingen in expat- en ETK-regelingen, de toepassing van de Wet minimumbelasting 2024 en de beoordeling van het amendement over het overgangsrecht voor fondsen voor gemene rekening.

Lucratief belang

De staatssecretaris geeft aan dat de multipliermaatregel in de lucratiefbelangregeling pas per 1 januari 2028 in werking treedt door een amendement van de Tweede Kamer. Een noodzakelijke aanpassing van de IB-aangifte kan echter niet vóór 1 januari 2029 worden gerealiseerd vanwege het volle IV-portfolio. Volgens de bewindsman kan geautomatiseerde ondersteuning mogelijk per belastingjaar 2029 worden ingezet.

Box 3

De staatssecretaris merkt op dat de terugwerkende kracht bij de reparatie van de box 3-tegenbewijsregeling gerechtvaardigd is. De voorgestelde wijziging moet voorkomen dat belastingplichtigen de heffing ontwijken door de aankoop van obligaties met aangegroeide rente.

ETK-regeling

Het kabinet versobert de regeling voor vergoeding van daadwerkelijke extraterritoriale kosten (ETK) en laat de expatregeling ongemoeid. De staatssecretaris geeft aan dat het kabinet niet voornemens is de expatregeling verder te beperken. De regeling blijft volgend jaar op maximaal 30% van het belastbare loon en wordt vanaf 2027 teruggebracht naar 27%. Verdere aanpassingen zijn niet voorzien.

Pseudo-eindheffing

Volgens de bewindsman wordt komend jaar met het MKB en brancheorganisaties gesproken over de uitvoering van de pseudo-eindheffing voor fossiele auto’s. Daarbij wordt bekeken of onderdelen, zoals de definitie van woon-werkverkeer, kunnen worden vereenvoudigd. De staatssecretaris erkent het spanningsveld tussen lagere accijnzen voor betaalbaarheid van mobiliteit en aanvullende klimaatmaatregelen die de overstap naar elektrische auto’s moeten bevorderen. 

Overgangsrecht fondsen voor gemene rekening

De staatssecretaris gaat ook in op het amendement dat het overgangsrecht voor fondsen voor gemene rekening wil uitbreiden. De bewindsman geeft aan dat het amendement niet uitvoerbaar wordt geacht omdat de doelgroep onbekend is, mogelijk groot en internationaal verspreid, en participaties verhandelbaar zijn. Daardoor ontbreekt zicht op deelgerechtigden en ontbreken voldoende aangrijpingspunten voor toezicht en invordering. De Belastingdienst stelt een uitvoeringstoets op die medio maart 2026 wordt verwacht.

DAC9

Verder licht de staatssecretaris de gevolgen van de implementatie van de DAC9-richtlijn toe. De staatssecretaris merkt op dat multinationale groepen hierdoor niet langer in elke EU-lidstaat afzonderlijk een bijheffing-informatieaangifte hoeven te doen, wat administratieve lasten vermindert. De bewindsman wijst er ook op dat EU-lidstaten uiterlijk eind 2025 de richtlijn moeten omzetten, en dat uitwisseling van gegevens nodig is om bijheffingen te kunnen bepalen.

Tweede Wet aanpassing Wet minimumbelasting 2024

De staatssecretaris bespreekt ook de internationale aspecten van de Tweede Wet aanpassing Wet minimumbelasting 2024, waaronder geschilbeslechting, stabiliteit van regelgeving en lopende onderhandelingen binnen het Inclusive Framework. 

De nota’s naar aanleiding van het verslag vindt u hier. De (afgeronde) parlementaire voortgang in de Tweede Kamer vindt u hier.

Verdere behandeling in de Eerste Kamer

De ontvangst van de nota’s naar aanleiding van het tweede verslag wordt verwacht op 12 december. De plenaire behandeling in de Eerste Kamer staat gepland op 15 en 16 december. De stemming is op 16 december. Als de Eerste Kamer de wetsvoorstellen aanneemt, volgt aan het einde van het jaar publicatie in het Staatsblad. 

Anders dan de Tweede Kamer, heeft de Eerste Kamer niet de mogelijkheid om amendementen in te dienen. De Eerste Kamer kan dus geen veranderingen aanbrengen in de wetsvoorstellen. Wel kan de Eerste Kamer een novelle afdwingen. Een novelle is een wetsvoorstel (van de regering) ter verbetering of aanvulling van een wetsvoorstel dat al bij de Eerste Kamer ligt. 


Schrijf u hier in voor onze fiscale nieuwsbrief

Blijf altijd up-to-date over fiscale ontwikkelingen: schrijf u hier in voor een van onze Tax nieuwsbrieven.