EY house construction from top view

Hoe we de stagnerende bouwopgave nieuw leven inblazen

De Nederlandse woningmarkt zit al jaren grotendeels op slot. Ondanks talrijke initiatieven komt de nieuwbouwproductie slechts moeizaam op gang. Ontdek hoe het anders kan.


In het kort

  • Uit een analyse van EY-Parthenon (EY-P) blijkt dat de realisatie van nieuwbouw-projecten in Nederland nog altijd met aanzienlijke uitdagingen gepaard gaat.
  • Nieuwbouwontwikkelingen vinden plaats in een complex speelveld met veel stakeholders en uiteenlopende belangen.
  • Toch zijn er voorbeelden van nieuwbouwprojecten die wel van de grond komen.
  • Versnelling van nieuwbouwinitiatieven vraagt om gedeeld eigenaarschap, gezamenlijke risico’s en het centraal stellen van het algemene belang boven individuele belangen.
  • In de Eindhovense Brainportregio krijgt die samenwerking concreet gestalte.

Tot 2030 in Nederland 100.000 woningen per jaar erbij? “Het is mooi als stip op de horizon, maar erg realistisch is die gedachte natuurlijk niet.” Dat zegt Arjen Brinkman, hoofd Real Estate bij EY-Parthenon. Met zijn team onderzocht hij waarom het lokaal vaak niet lukt om woningbouwambities waar te maken en hoe een betere afstemming tussen regionale praktijk en landelijk beleid dat kan doorbreken.

De analyse schetst een weinig rooskleurig beeld. Ruimtelijke ordening in een klein land als Nederland wordt steeds ingewikkelder. Veel verschillende belangen en structurele knelpunten zorgen ervoor dat projecten niet van de grond komen. De Rijksoverheid worstelt met netcongestie en stikstof, gemeenten missen beleidszekerheid en uitvoeringscapaciteit, woningcorporaties moeten financieel kiezen tussen verduurzaming, onderhoud en nieuwbouw, en bouwers hebben te maken met personeelstekorten, lange doorlooptijden en bezwaarprocedures. Bewoners worden vaak laat betrokken, terwijl ontwikkelaars en beleggers worden geraakt door stijgende kosten en wisselend beleid.

Weinig beweging in de woningmarkt

Veel partijen wijzen naar de Rijksoverheid. Niet onlogisch, vindt Arjen. “De landelijke overheid moet met voorspelbaar beleid zorgen voor stabiele kaders die een goed investeringsklimaat creëren waar mensen op kunnen vertrouwen. Daar heeft het de afgelopen jaren aan ontbroken.” Tegelijk is landelijk beleid generiek, terwijl regio’s met specifieke knelpunten kampen, zoals grondgebrek, netcongestie, stikstofruimte en arbeidstekorten.

Dat de overheid een stimulerende rol kan spelen, blijkt uit recente initiatieven voor versnelde woningbouw. Vijf locaties zijn aangewezen voor circa 30.000 nieuwe woningen in vijf jaar. Daarnaast trekt de Rijksoverheid jaarlijks € 1 miljard uit voor betaalbare woningbouw en is extra financiering beschikbaar gesteld voor sneller, slimmer en duurzamer bouwen. Arjen is vooral positief over de ondersteuning van gemeenten, bijvoorbeeld bij het sneller afgeven van vergunningen.

Meer bouwen door minder regels

Arjen pleit al langer voor minder regels. Bezwaar- en beroepsprocedures zijn belangrijk, maar kunnen locaties jaren vertragen of stilleggen. Ook fiscale regelgeving heeft de Nederlandse investeringsmarkt minder aantrekkelijk gemaakt voor buitenlandse beleggers. Daardoor komt meer druk te liggen bij pensioenfondsen en woningcorporaties, terwijl juist hun financiële ruimte beperkt is.

Daarnaast maken de onrendabele top, stijgende bouwkosten en rente het lastig om businesscases rond te krijgen. Af en toe zijn er optimistische voorspellingen over aantrekkende woningbouwproductie in 2026 en 2027. De versnelde bouw van 30.000 woningen kan daarbij een stevige impuls geven.

Over eigenbelang heenstappen

Toch zijn er succesvolle projecten. Vaak zijn partijen dan bereid over hun eigenbelang heen te stappen. “Er is moed voor nodig om risico’s te durven nemen en keuzes te maken die misschien niet voor iedereen meteen comfortabel zijn.” Dat kan betekenen dat een overheid meer koopwoningen of vrije sector toestaat, een ontwikkelaar grond goedkoper inbrengt of een corporatie meer middenhuur afneemt.

 

Er is volgens Arjen geen gebrek aan plannen, maar een deel heeft een hoog gehalte luchtfietserij. De focus moet daarom liggen op concrete, haalbare projecten. Ook kunnen gemeenten met actiever grondbeleid meer regie nemen, mits zij voldoende financiële slagkracht en kennis hebben. Transparante samenwerking met een open boek helpt, maar publieke partijen hebben ondersteuning nodig om complexe exploitaties goed te beoordelen.

 

Samenwerken in de keten

Arjen pleit daarom voor een onafhankelijke uitvoeringsorganisatie die samenwerkingsverbanden begeleidt en mandaat krijgt van de betrokken partijen. Dat versterkt het vertrouwen en vergroot de slaagkans. Bij de Uitvoeringsorganisatie Versnelling Tijdelijke Huisvesting werden in twee jaar tijd binnen 250 projecten meer dan 20.000 flexwoningen gerealiseerd.
Ook slimmer bouwen kan helpen. Prefabwoningen zijn volgens Arjen een deel van de oplossing: “Ik omschrijf flexwonen altijd als de schokdemper van het systeem. Maar je hebt daarvoor natuurlijk wel een werkende motor nodig.” Lokale verschillen in eisen maken grootschalige productie echter moeilijk.
 

Een ander voorbeeld is EY BrainportConnect, een platform voor samenwerking en kennisdeling in de Brainportregio Eindhoven. Daar groeit het aantal inwoners tot 2040 naar verwachting met 150.000. “Vanuit EY BrainportConnect werken we met alle partijen in de keten samen om de woningopgave te versnellen en te versterken. Want de manier waarop we nu samenwerken, houdt de keiharde groei in de Brainport niet altijd bij.”

 

Bestuurdersdialoog Wonen en Vastgoed

Medio 2026 gingen bestuurders uit de publieke en private vastgoedsector tijdens de EY BrainportConnect Bestuurdersdialoog | Wonen en Vastgoed met elkaar in gesprek over versnelling van de woningbouw. De bijeenkomst leverde vijf gedeelde inzichten op:

  • Versnelling vraagt om gedeeld eigenaarschap, gezamenlijke risico’s en het algemene belang boven individuele belangen.
  • Versnellen vraagt om focus: voorkom stapeling van ambities en kies haalbare oplossingen.
  • Ruimte voor partijen met uitvoeringskracht maakt daadwerkelijke versnelling mogelijk.
  • De woningbouwcrisis vraagt om snelheid, mandaat en het doorbreken van bestaande patronen.
  • Openheid, transparantie en vertrouwen zijn nodig om samen vooruit te bewegen.

Hoe EY kan helpen

Nederlandse gebiedsontwikkelingsprojecten kennen veel actoren die niet automatisch dezelfde kant op bewegen. Een onafhankelijke uitvoeringsorganisatie kan urgentie creëren en innovatieve ontwikkel- en bouwoplossingen versnellen. EY kan als neutrale partij tussen overheid, woningcorporaties en marktpartijen bijdragen aan betaalbare, duurzame en leefbare vastgoedoplossingen op een gezonde financiële basis en met verantwoord maatschappelijk rendement.



Samenvatting

Het goed organiseren van de ruimtelijke ordening in een klein land als Nederland wordt steeds ingewikkelder. Er spelen zoveel verschillende belangen waardoor bouwexploitaties vaak niet van de grond komen. Alle bij bouwprojecten betrokken stakeholders ervaren ernstige knelpunten, waardoor het ingewikkeld of soms zelfs onmogelijk is om de business case voor succesvolle nieuwbouw rond te rekenen. In sommige gevallen lukt het wel. Dan zijn de deelnemende partijen bijvoorbeeld bereid om over hun eigenbelang heen te stappen en wat water bij de wijn te doen. Ook zeer concrete initiatieven, zoals de Uitvoeringsorganisatie Versnelling Tijdelijke Huisvesting (20.000 woningen in twee jaar tijd) hebben een grotere kans van slagen, net als slimme bouwoplossingen met prefab woningen. Los daarvan is er één zeer bepalende succesfactor: vertrouwen tussen samenwerkingspartners.

Gerelateerde artikelen

Slimmer bouwen met AI: visie op woningbouwmonitoring

Ontdek hoe EY's innovatieve AI-tool satellietbeelden analyseert voor automatische monitoring van woningbouwprojecten.

Waarom resilience voor organisaties belangrijker is dan ooit

Resilience helpt organisaties omgaan met toenemende onzekerheid, snelheid en complexiteit en sterker uit verandering te komen.

Hoe verzilveren we kansen voor het Nederlandse vestigingsklimaat?

Waar liggen de kansen om het Nederlandse vestigingsklimaat te versterken?

Over dit artikel