8 minuten leestijd 25 sep. 2020
Het is dringen aan de poort in het bestrijden van financieel-economische criminaliteit

Het is dringen aan de poort in het bestrijden van financieel-economische criminaliteit

Door Jeroen van der Kroft

EY Nederland Partner Financial Services Consulting

Transformatieleider die klanten helpt verbeterde bedrijfsprestaties te behalen en behouden.

8 minuten leestijd 25 sep. 2020

Nederland doet veel goeds op het gebied van het bestrijden van financiële criminaliteit. Tegelijkertijd moet en kan het nog beter.

We doen er misschien wat nuchter over maar Nederland doet veel goeds op het gebied van het bestrijden van financiële criminaliteit. Tegelijkertijd moet en kan het nog beter. Onder andere met kennisuitwisseling, want: “meer kennis betekent scherper kijken.” Zo blijkt in een rondetafelgesprek met deelnemers uit de private en publieke sector. Iris Sluiter, hoofd Financieel Expertise Centrum, Yvonne Willemsen, hoofd veiligheidszaken bij de Nederlandse Vereniging van Banken, Richard Oranje, teamleider NXT.finec bij de Nationale Politie, Bo van der Meer, senior manager EY Financial Crime, onder leiding van Fouad Hammani, associate partner EY Fincrime Operations.

Wie als leek door de oogharen kijkt naar het karakter van criminaliteit en dat vergelijkt met de maatschappelijke inzet om die criminaliteit terug te dringen ziet een wat malle situatie. Het overgrote deel van de misdrijven – naar schatting 80% - wordt uitgevoerd vanuit financieel gewin. Toch zetten we maar een klein deel van de professionele capaciteit bij toezichthouders en justitie in om vanuit het financiële perspectief de criminaliteit tegen te gaan. Je kunt je afvragen: moet dat niet anders?

Richard Oranje: “De politie maakt de afgelopen jaren een verandering door, mede onder invloed van wetswijzigingen die ons vragen meer focus te hebben op het financiële perspectief. Intern zeggen we wel dat we van ‘kerels en kilo’s’ naar ‘knaken’ gaan. Maar dat gaat niet vanzelf en we zijn nog onderweg in die verandering. Vergeet niet dat we van oorsprong een organisatie met doeners zijn en dat een sporttest bij de standaard procedure hoort, ook als je ons komt helpen om vanachter je bureau financiële data te analyseren. Ik ben overigens positief over hoe de verandering verloopt. Zij-instromers geven bijvoorbeeld een prima kwaliteitsimpuls op onderzoek naar financieel-economische criminaliteit. En er is veel mogelijk, zo bleek bijvoorbeeld toen de Coronacrisis begon. Er waren toen meer mensen thuis vanachter hun bureau aan het werk en kwamen door de omstandigheden de prioriteiten anders te liggen. Prompt zagen we een toename in de opgeloste fraudezaken. Het kan dus wel.”

Iris Sluiter: “Financieel-economische criminaliteit bestrijden kan absoluut beter, hier is nog veel winst te behalen. Maar laten we ook trots zijn op wat we al bereikt hebben als gevolg van de steeds betere samenwerking tussen de publieke en private sector. In het Verenigd Koninkrijk zijn ze trots op wat ze met hun Joint Money Laundering Intelligence Taskforce (JMLIT) doen en vertellen ze dat ook aan de hele wereld. In Nederland zijn we bescheidener maar volgens mij zijn we minstens even ver. Het is niet voor niks dat we vanuit landen als Denemarken en Canada delegaties bij het FEC over de vloer krijgen die willen leren van onze aanpak.”

Fouad Hammani: “Jullie zijn allen full time bezig met dit onderwerp. Waarom is het zo’n essentieel thema?”

Iris Sluiter: “Een integer financieel stelsel is ongelooflijk belangrijk. Allereerst voor het maatschappelijk vertrouwen, voor de werkgelegenheid, voor de stabiliteit en uitstraling van Nederland en ga zo maar door. En ook omdat het funest is als het financieel systeem in Nederland criminelen faciliteert, want dat ondermijnt onze hele maatschappij. Er staat echt wat op het spel.”

Yvonne Willemsen: “Daar sluit ik me bij aan. Meer concreet zijn er vanuit banken twee hoofdredenen om hoog in te zetten op maatregelen. Ten eerste moet de klant kunnen rekenen op een veilig en betrouwbaar financieel stelsel. Ten tweede moeten we misbruik door criminelen voorkomen. Niet alleen omdat de wet dat van ons verlangt maar vooral vanuit een intrinsieke motivatie. We willen gewoon niet dat het stelsel misbruikt wordt. En daarbij is het zaak dat alle banken zoveel mogelijk gelijk optrekken. Want anders loopt iemand met malafide bedoelingen zo over van bank A naar bank B. We hebben nu een sterk, stabiel en betrouwbaar financieel systeem en dat moeten we vooral zo houden.”

Richard Oranje: “De paradox is dat zo’n sterk en efficiënt financieel systeem ook juist aantrekkelijk is voor criminelen. En het is ongelooflijk moeilijk om te detecteren waar het mis gaat want de complexiteit van de manier van werken van malafide organisaties is erg hoog.”

Yvonne Willemsen: “Klopt. Niet iedereen realiseert zich dat we vaak te maken hebben met grote professionele organisaties die veel kennis hebben en de beste adviseurs meenemen. Ze laten hun geldstromen over de hele wereld gaan en het detecteren en analyseren van verdachte activiteiten vergt dus ook heel veel intelligentie. We zien in de praktijk dat het voor een doorgewinterde onderzoeksjournalist al moeilijk genoeg is om na wekenlang werk één casus goed in kaart te brengen. Dan begrijp je ook hoeveel tijd en energie er nodig is om honderden casussen te bekijken.”

De data laten spreken door er kennis aan toe te voegen
Bo van der Meer
EY

Fouad Hammani: “De complexiteit is dus hoog en de capaciteit bij alle betrokken partijen heeft zijn grenzen. Hoe kun je dan de juiste focus aanbrengen? Wat zijn de prioriteiten om het ‘Fincrime ecosysteem’ te versterken?”

Yvonne Willemsen: “De poortwachtersfunctie van banken is de afgelopen jaren behoorlijk uitgebreid. Het is dringen aan de poort. Maar de juiste samenwerking tussen de verschillende actoren in de keten betrokken bij het bestrijden van financieel-economische criminaliteit kan zorgen voor de juiste focus.”

Iris Sluiter: “Binnen het Financieel Expertise Centrum willen we inzetten op kennisontwikkeling waarmee we effect bereiken; focus is daarbij van groot belang. Ten eerste is focus aan de orde bij de keuze van het thema voor kennisontwikkeling. Het doel van dat thema is altijd gericht op het voorkomen dat door criminele geldstromen onze samenleving wordt bedreigd. Ten tweede betekent focus dat de verschillende betrokken partijen operationeel een goede afstemming met elkaar hebben; met gezamenlijk optreden kunnen we veel meer bereiken. En ten derde kunnen we door het delen van kennis tussen partijen meer relevante signalen van financieel-economische criminaliteit herkennen en zo veel meer inzoomen – oftewel focussen.”

Fouad Hammani: “Hoe ziet dat er concreet uit?”

Iris Sluiter: “Voor bepaalde thema’s zoals mensenhandel, corruptie of malafide stichtingen halen we kennis op vanuit verschillende partijen. We verwerken dat in een kennisdocument en dat dient als input voor de query’s waarmee we data kunnen selecteren. Daarmee voeg je inhoudelijke context toe aan de data-analyse en dat is van wezenlijk belang om tot waardevolle inzichten te kunnen komen. Kennis delen is scherper kijken.”

Bo van der Meer: “Met de juiste data-analyse is veel mogelijk, maar dat gaat verder dan de inzet van een stuk techniek. Je moet de data laten spreken door er kennis aan toe te voegen. Enerzijds door vanuit ervaringsdeskundigheid te leren welke signalen of patronen relevant zijn en dat als input te gebruiken voor de data-analyse. Anderzijds ook met behulp van o.a. wetenschappers zoeken naar patronen die een ervaren professional misschien nog niet heeft gezien.”

Richard Oranje: “Prioriteiten stellen is voor ons lastig, want er zijn zoveel prioriteiten. We zijn voortdurend op zoek naar de meest effectieve manier en middelen om inzicht te krijgen in financiële criminaliteit en de best passende aanpak daarvan. Daarin, is het soms lastig om keuzes te maken, we gaan immers voor het beste resultaat en zouden alle criminaliteit wel te lijf willen gaan. Natuurlijk moeten we Big Data toepassen waar dat kan en mag. Maar ik pleit er ook voor dat we focus houden op wat we nu al kunnen, dat doorontwikkelen en verfijnen en dat we waken voor een overmaat aan nieuwe initiatieven. Met bestaande middelen kunnen we al zoveel en rechercheurs moeten het ook blijven snappen.”

Yvonne Willemsen: “Wat daarbij ook essentieel is, is dat we in de hele keten zorgen voor een goede feedback loop. Als iemand bij een bank een bepaalde bevinding heeft gedaan of met data-analyse wat opspoort, is het belangrijk om later terug te zien of en hoe dat tot concrete resultaten leidt.”

Bo van der Meer: “Nog mooier: in de krant lezen wat het heeft opgeleverd.”

Delegaties uit Denemarken en Canada komen kijken hoe wij het doen
Iris Sluiter
Financieel Expertise Centrum

Fouad Hammani: “We moeten dus goede verhalen vertellen om te blijven motiveren?”

Bo van der Meer: “Klopt. Het bestrijden van financiële criminaliteit is een eervolle zaak. Het draagt bij aan een betere maatschappij. Maar het stimuleert natuurlijk enorm als je ziet dat het effect heeft. Daarnaast is het ook zaak dat we blijven werken aan maatschappelijke bewustwording over de effecten van criminaliteit. Een XTC-gebruiker moet zich bijvoorbeeld realiseren dat zijn gedrag het mede mogelijk maakt dat er machtige criminele groepen ontstaan en dat daarmee het risico van maatschappelijke ondermijning optreedt.”

Richard Oranje: “Ik zeg wel eens dat goed witwassen eigenlijk fijn voelt voor bijna iedereen. Neem een schildersbedrijf in een bepaalde gemeente dat geld witwast. De gemeente is blij want dit bedrijf is goedkoper dan de concurrent. De burger is ook blij want omdat de gemeente weinig geld kwijt is aan schilderwerk en dan hoeven de belastingen niet omhoog. De enige partij die in dit plaatje niet blij is, is de concurrent die wél op een eerlijke wijze zaken doet en daardoor niet zo goedkoop kan werken. Tot dusver zijn we echter helemaal voorbij gegaan aan de herkomst van het geld dat wordt witgewassen: het brondelict is onzichtbaar. Terwijl de criminele gelden vaak afkomstig zijn van ernstige vormen van (ondermijnende) criminaliteit. Het witwassen van crimineel verdiend geld vormt daarnaast een gevaar voor de integriteit van ons financiële stelsel en het vertrouwen in onze maatschappij. Dat mogen we niet accepteren. En als je het volledige plaatje schetst denk ik dat de meeste mensen het daar mee eens zullen zijn.”

Eye on Finance magazine

Eye on Finance magazine biedt inzichten, informeert en inspireert executives in de financiële sector.

Lees hier

Deelnemers

Bo van der Meer

Bo van der Meer
senior manager EY Financial Crime
 

Iris Sluiter

Iris Sluiter
Hoofd Financieel Expertise Centrum
 

Richard Oranje

Richard Oranje
Teamleider NXT.finec bij de Nationale Politie
 

Yvonne Willemsen

Yvonne Willemsen
Hoofd veiligheidszaken bij de Nederlandse Vereniging van Banken
 

Samenvatting

Nederland doet veel goeds op het gebied van het bestrijden van financiële criminaliteit. Tegelijkertijd moet en kan het nog beter. Rondetafelgesprek met Iris Sluiter (Financieel Expertise Centrum), Yvonne Willemsen, (Nederlandse Vereniging van Banken), Richard Oranje (Nationale Politie) en Bo van der Meer (EY).

Over dit artikel

Door Jeroen van der Kroft

EY Nederland Partner Financial Services Consulting

Transformatieleider die klanten helpt verbeterde bedrijfsprestaties te behalen en behouden.